Uitgebreide gebruiksaanwijzingen staan in de gebruikershandleiding.
Inbouwhandleiding
Inhoudsopgave
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. Vóór het inbouwen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 132 Symbolen die in deze inbouwhandleiding worden gebruikt . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 133 Veiligheidsvoorschriften . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 133 Installatievoorschriften . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 134 Aansluitschema van het navigatiesysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 135 Inbouwen van GPS-antenne . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136 Aansluiting van het achteruitrijsignaal . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 138 Aansluiting van het snelheidssignaal (GAL) van de kilometerteller / kilometertellerkabel . 139 Inbouw en eerste inbedrijfstelling van DTM . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 144 Ingebruikname van de GPS en sensoren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 144 Installatie van de navigatiesoftware . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 146 Kalibrering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 147 Servicemodus . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 149 Aansluitingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 157
1. Vóór het inbouwen
Lees deze inbouwhandleiding vóór het inbouwen zorgvuldig door. Neem met name de desbetreffende veiligheids- en installatievoorschriften in acht.
Voor fouten en technische wijzigingen kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden
132
Copyright by Becker GmbH, D-76303 Karlsbad
Inbouwhandleiding
2. Symbolen die in deze inbouwhandleiding worden gebruikt
G
geeft aanwijzingen weer die belangrijk zijn voor uw veiligheid en de veiligheid van andere personen. geeft tips die voor het inbouwen en de werking van het toestel belangrijk zijn.
3. Veiligheidsvoorschriften
G G G G
Ondeskundige montage Ondeskundige montage kan schade aan het apparaat of aan de auto tot gevolg hebben! Voor het inbouwen van het apparaat en de componenten ervan zijn speciale kennis en vaardigheden vereist. Het wordt dringend aanbevolen het inbouwen door een gespecialiseerde werkplaats te laten uitvoeren. Kans op letsel Door de componenten op niet daarvoor geschikte plekken in te bouwen ontstaat er kans op letsel bij een verkeersongeval of worden veiligheidsvoorzieningen buiten werking gesteld. Neem de aanwijzingen van de autofabrikant in acht. Beschadiging van de airbag Door de componenten niet op de juiste plek in te bouwen kan de airbag worden beschadigd of de werking ervan worden beïnvloed. Plaats de componenten buiten het werkingsgebied van de airbag. Kans op letsel door onvoldoende bevestiging Bevestig de componenten zo dat deze bij een botsing of een plotselinge remmanoeuvre niet los kunnen raken.
Voor fouten en technische wijzigingen kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden
133
Copyright by Becker GmbH, D-76303 Karlsbad
Inbouwhandleiding
4. Installatievoorschriften
Schade door ompolen of kortsluiting Onjuist aangesloten kabels of kortsluiting kunnen ernstige schade aan het apparaat veroorzaken. Tijdens de montage moet de accu van uw auto losgekoppeld zijn. Leg om kortsluiting en storingen te voorkomen de leidingen zodanig, dat deze niet kunnen worden ingeklemd, verbogen, geschuurd of afgescheurd. Parkeer uw auto voor de montage gelijkvloers en op een veilige plaats en verwijder de contactsleutel. Let om storingen te voorkomen bij toepassing van Y-verbindingen/kabelbinders vooral op de diameters van de kabels. Voorzie afgeknipte kabels van afdoende isolatie om kortsluiting en eventueel brandgevaar als gevolg daarvan te voorkomen.
Voor fouten en technische wijzigingen kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden
134
Copyright by Becker GmbH, D-76303 Karlsbad
Inbouwhandleiding
5. Aansluitschema van het navigatiesysteem
Radio-antenne Signaal van kilometerteller / kilometertellerkabel GPS-antenne DTM Soundsystem / luidsprekers
Achteruitrijsignaal Stroomvoorziening
Aanwijzing: de aansluitingen zijn gedetailleerd op pagina 157 beschreven.
Voor fouten en technische wijzigingen kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden
135
Copyright by Becker GmbH, D-76303 Karlsbad
Inbouwhandleiding
6. Inbouwen van GPS-antenne
G
Kans op letsel Personen met pacemakers mogen de magneetantenne niet te dichtbij monteren of aan hun lichaam dragen, omdat dit kan leiden tot storingen van de pacemaker. Houd de magneetantenne vooral niet in de buurt van gegevensdragers (diskettes, betaalpasjes, magneetkaarten enz.), elektronische en fijnmechanische apparaten, omdat dit ertoe kan leiden dat de gegevens worden gewist. Gebruik de antenne niet in gebieden waar explosiegevaar heerst. De antenne moet zodanig worden bevestigd, dat deze bij een botsing of een plotselinge remmanoeuvre niet los kan raken.
Mogelijke inbouwplaatsen
· Buiten de auto a. Breng de antenne niet op een bolvormig oppervlak aan. Plaats de antenne op een vooraf gereinigd staaloppervlak. b. Leid de antennekabel vervolgens in het interieur van de auto.
G
Kans op letsel De maximale rijsnelheid bij een magnetische bevestiging van de antenne bedraagt 180 km/uur. Bij een hogere snelheid moet de antenne worden verwijderd of speciaal worden bevestigd. De antenne is niet geschikt voor autowasinstallaties.
Voor fouten en technische wijzigingen kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden
136
Copyright by Becker GmbH, D-76303 Karlsbad
Inbouwhandleiding
· In het interieur van de auto
De antenne kan alleen onder een niet gemetalliseerde voorruit worden ingebouwd. De inbouwplaats moet zodanig worden gekozen, dat de antenne vrij zit en niet door de ruitenwissers wordt bedekt. Zorg ervoor dat de ontvangst van de antenne niet door de motorkap, ruitsponning en het dak kan worden gestoord. a. Bevestig de antenne met magneten op de basisplaat (1). b. Verwijder de beschermfolie van de klitteband (2) aan de bovenkant en plak deze in het midden op de onderkant van de basisplaat. c. Verwijder de beschermfolie van de klitteband (2) aan de onderkant en plak de antenne met de basisplaat op de console van de auto onderaan de voorruit op de inbouwplaats.
Voor fouten en technische wijzigingen kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden
137
Copyright by Becker GmbH, D-76303 Karlsbad
Inbouwhandleiding
De GPS-ontvangst wordt door een ruit met ruitantenne, voorruitverwarming of door een ruit met isolatie-materiaal beïnvloed. Ruiten met isolatiemateriaal zijn o.a. met een laag titaan of zilveroxide opgedampt. Als de GPS-antenne in het interieur van de auto is ingebouwd, kan de werking van het navigatiesysteem duidelijk verslechteren.
7. Aansluiting van het achteruitrijsignaal
De meetpunten van het achteruitrijdsignaal zijn per auto verschillend. Informeer bij twijfel bij uw autofabrikant of bij een erkende gespecialiseerde werkplaats.
Bij een toegankelijke schakelaar op de transmissie of schakelstangen
· Koppel op het ingeschakelde contact een aparte kabel vast. Kabel met kamer A pin 2 verbinden. Laag geluidsniveau = massa, hoog geluidsniveau 12 V - 16 V A
Bij een niet toegankelijke schakelaar
· controleert u welke kabel naar de achteruitrijlichten is gelegd. Verwijder hiertoe evt. de binnenste afdekking van de achteruitrijlichten. Een aparte kabel aan de geschakelde kabel van de achteruitrijlichten vastkoppelen en met kamer A pin 2 verbinden. Achteruitrijsignaal
Voor fouten en technische wijzigingen kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden
138
Copyright by Becker GmbH, D-76303 Karlsbad
Inbouwhandleiding
8. Aansluiting van het snelheidssignaal (GAL) van de kilometerteller / kilometertellerkabel
G
Kans op letsel Onjuist aangesloten leidingen kunnen de werking van onderdelen van de auto of veiligheidsvoorzieningen beïnvloeden of teniet doen. Informeer bij twijfel bij uw autofabrikant of bij een erkende gespecialiseerde werkplaats.
Elektronische kilometerteller
· Signaal van de kilometerteller verwijderen, verlengen en met kamer A pin 1 verbinden. De kabel van het GAL-signaal ligt naargelang de uitvoering van de auto in de ISO-stekker van de autoradio. De bezetting van de ISO-stekkers kan afhankelijk van het type auto variëren. · Minimale vereisten voor het signaal: 0 Hz - 4 kHz / rechthoeksignaal (geen inductieve sensor) Laag geluidsniveau < 1,5 V, hoog geluidsniveau 5 V - 16 V Als u niet precies weet waar de inbouwplaats/ligging van de snelheidssensor is, kunt u dit bij de fabrikant navragen. GAL-signaal
A
Voor fouten en technische wijzigingen kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden
139
Copyright by Becker GmbH, D-76303 Karlsbad
Inbouwhandleiding
Mechanische kilometerteller met een ingebouwde snelheidssensor in de kilometertellerkabel
· · Signaal van de kilometerteller verwijderen, verlengen en met kamer A pin 1 verbinden. Minimale vereisten voor het signaal: 0 Hz - 4 kHz / rechthoeksignaal (geen inductieve sensor) Laag geluidsniveau < 1,5 V, hoog geluidsniveau 5 V - 16 V A Als u niet precies weet waar de inbouwplaats/ligging van de snelheidssensor is, kunt u dit bij de fabrikant navragen. GAL-signaal
Mechanische kilometerteller met een ingebouwde snelheidssensor in de kilometertellerkabel
Er moet een snelheidssensor in de kilometertellerkabel worden ingebouwd die een snelheidsafhankelijk digitaal signaal geeft. Hiertoe kan de VDO-adapter 2152.30300000 of een specifieke adapter voor auto's die aan de minimale eisen voldoet, worden gebruikt. De VDO-snelheidssensor is geschikt voor een directe montage op de transmissie (verdere inbouwonderdelen zijn niet nodig) of in de kilometertellerkabel (in combinatie met verdere universele inbouwonderdelen). Als u de geplombeerde kilometertellerkabel losmaakt, kunt u geen aanspraak meer maken op een reclamatie. Een ondeskundige montage leidt tot storingen van het navigatiesysteem of de kilometerteller.
Voor fouten en technische wijzigingen kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden
140
Copyright by Becker GmbH, D-76303 Karlsbad
Inbouwhandleiding
Monteren van de snelheidssensor direct op de transmissie · Kilometertellerkabel op de transmissie losmaken en de snelheidssensor op de transmissie vastschroeven. De gedemonteerde kilometertellerkabel op de snelheidssensor vastschroeven en de kabel aansluiten. Kabelaansluitingen van de snelheidssensor Bruin - massa (klem 31) Zwart - stroomvoorziening (klem 15), 9 - 16V, 30 mA Blauw/rood - signaal voor kamer A pin 1 Inbouwen van de snelheidssensor in de kilometertellerkabel Om de snelheidssensor te monteren, moet de aandrijfas van de kilometerteller op een recht stuk worden gescheiden, waar vervolgens de snelheidssensor in wordt aangebracht. Bij het uitbouwen van de kilometertellerkabel moet het recht lopende stuk worden gemarkeerd. De installatie is afhankelijk van de auto weergegeven. Naast de sensor heeft u de volgende universele onderdelen van VDO nodig: 1 x tussenstuk 1040 1300 025 (VDO-onderdeelnummer) 2 x kartelmoer 1040 1000 003 (VDO-onderdeelnummer) 2 x slanghulzen 1040 1000 031 (VDO-onderdeelnummer) 2 x meenemer 1040 1000 049 (VDO-onderdeelnummer) 2 x aanloopring 1040 0900 003 300 (VDO-onderdeelnummer) 2 x benzingring 4,0KN07.0570.18 (VDO-onderdeelnummer) 2 x sluitring KN11.1904.122 (VDO -onderdeelnummer) Er kan ook een complete set bij VDO (onderdeelnummer X 39397106191) worden besteld. A
GAL-signaal
Afbeelding 1
Voor fouten en technische wijzigingen kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden
141
Copyright by Becker GmbH, D-76303 Karlsbad
Inbouwhandleiding
Aanbevolen gereedschap: perstang voor kilometertellerkabels van VDO, bestelnummer: 1999.10.13.000.110 Als u specifieke onderdelen nodig heeft, raden wij u aan contact op te nemen met de autofabrikant of met een VDO-filiaal bij u in de buurt. · · Zaag met een metalen zaag ca. 1 mm haaks in het profiel en breek deze af (afbeelding 3). Snij vervolgens in het midden met een zijsnijtang door (afbeelding 4). Bij veiligheidsslangen met draadgaas kunnen de slang en de flexibele kabel meteen met de zijsnijtang worden doorgesneden. ·
Afbeelding 3
Afbeelding 4
Veiligheidsslang nogmaals aan beide kanten tot aan de kunst-stofommanteling afsnijden. Controleer of de uiteinden van de flexibe-Afbeelding 5 le kabel nog in de kilometerteller en op de transmissie grijpen. Binnenste as met 13 mm overlapping afsnijden (afbeelding 5). Wartelmoer en slanghulzen in elkaar steken (afbeelding 6) en op de uiteinden van de sla ...