Uitgebreide gebruiksaanwijzingen staan in de gebruikershandleiding.
Gebruiksanwijzing / Montagehandleiding Betjeningsvejledning / Monteringsvejledning Bruksanvisning / Monteringsanvisning
Inhoud
Veiligheidsvoorschriften Richtlijnen m.b.t. de verkeersveiligheid Overzicht knoppen Beveiliging tegen diefstal Codenummer invoeren Frontje verwijderen Frontje plaatsen Algemene bediening In-/uitschakelen Volume instellen
Klankmenu activeren Laagweergave (bass) instellen Hoogweergave (treble) instellen Fader (faderregeling) Balans instellen Lineaire instelling Subwoofer- resp. centerspeakervolume instellen Loudness in-/uitschakelen
5 6 7 8 8 9 9 10 10 10
10 10 10 11 11 11 11 11
Plaats van bestemming invoeren Plaats van bestemming via postcode selecteren Straat van de bestemming invoeren Centrum van de plaats van bestemming invoeren Bestemmingsinvoer via coördinaten
17 18 19 20 21
Wat is dynamische navigatie? Dynamische navigatie Verkeersinformatie weergeven
30 30 31
Informatie tijdens de navigatie
Reistijd en afgelegde afstand oproepen Instellingen weergeven Actuele tijd oproepen Huidige positie oproepen Stratenlijst oproepen
32
32 33 33 33 34
Routemenu
Huisnummer van de straat van bestemming invoeren Kruising in de straat van bestemming selecteren Route-opties instellen
22
22 23 23
Bestemming in het bestemmingsgeheugen opslaan
Opgeslagen bestemmingen wissen Bestemmingsgeheugen vol
Bestemmingsgeheugen Bijzondere bestemmingen Bijzondere bestemming P.O.I. - cd
Licentievoorwaarden
35 35 37
39
24
25 25
Systeeminstellingen
Klok instellen Huidige positie opslaan Spel selecteren Taal instellen Animaties Melding over vermoedelijke aankomsttijd aan- of uitzetten Selectie van de maateenheid Berekening van de vermoedelijke aankomsttijd beïnvloeden Weergave van maximumsnelheden in-/uitschakelen Weergave van de tijd instellen
39
40 40 41 41 42 42 42 43 43 44
Route naar de bestemming berekenen
Route opnieuw berekenen.
25
25
Tussenstop
Tussenstop invoeren Navigatie naar tussenstop starten Tussenstop wissen Tussenstop bereikt
25
25 26 26 26
Gebruiksmodus Navigatie Wat is navigatie? Navigatie-cd's Algemene aanwijzingen Navigatie kiezen Basismenu van het navigatiesysteem Bestemming
Land selecteren
12 12 12 14 15 15 16
16
Filefunctie
Lengte van de file invoeren Te vermijden sector wissen
26
26 27
Navigatie afbreken Toelichting bij de navigatie Dynamische navigatie met TMC
27 27 29
2
Inhoud
Radio Radioweergave inschakelen
Modus radiomenu inschakelen FM-band instellen AM-band instellen Instelmogelijkheden voor de selectie van zenders Dynamische Autostore (FM-DAS) Zenderzoekfunctie FM - DAS Zenderzoekfunctie MW, LW, SW Scan-zoekfunctie
45 45
45 45 45 45 46 46 46 47
Automatisch volgen instellen Rechtstreekse programmering instellen/wissen MUTE-stand in-/uitschakelen TP-berichten afbreken Volume van TP-berichten
53 53 53 53 54
Aanwijzing m.b.t. cd's met kopieerbeveiliging Mp3-weergave Algemene aanwijzing voor mp3 Een mp3/WMA-gegevensdrager maken
Playlist maken
59 60 60 60
61
TMC in-/uitschakelen TMC-zender kiezen
Weergave voor TMC-zenders die kunnen worden ontvangen
54 54
55
Zenders filteren bij FM-DAS Programmatype selecteren (PTY)
Weergave van PTY in-/uitschakelen Zender oproepen/opslaan bij FM
47 47
48 48
Geluidsonderdrukking voor de telefoon Cd-weergave Aanwijzingen m.b.t. de compactdisc (cd)
Cd's plaatsen/verwijderen
Mp3-cd's plaatsen/verwijderen Omschakelen map/playlist
Nummer vooruit/achteruit springen
62 63
63
55 56 56
56
Naar andere map/playlist gaan
Scan-zoekfunctie
63
63
Versneld vooruit/terug
Willekeurig afspelen (Random Play) Herhalen van nummers (Repeat)
64
64 64
Zenders opvragen/opslaan MW, LW, SW Autostore AM, LW Handmatig instellen FM Handmatige afstemming MW, LW, SW Regio's
Regionaalfunctie in-/uitschakelen Weergave frequentie in-/ uitschakelen
48 49 49 49 50
50 50
Nummer vooruit/achteruit springen Scan-zoekfunctie
Versneld vooruit/terug Herhalen van nummers (Repeat)
57 57
57 57
Mp3-instelmenu
Naar andere map/playlist gaan Map-/playlistnaam weergeven. Omschakelen track/ID3-tag weergave
64
64 65 65
Willekeurig afspelen (Random Play) Cd-instelmenu
Aantal nummers weergeven Omschakelen nummer/cd-tekst weergave
58 58
58 58
Weergave cd-wisselaar Gebruik van de cd-wisselaar
Cd-magazijn laden/verwijderen
66 66
66
Radiotekst in - /uitschakelen Verkeersinformatie TP (Traffic Program)
TP-menu activeren/verlaten TP in-/uitschakelen
51 51
52 52
Thermische beveiliging
Aanwijzingen voor cd-r en cd-rw
59
59
Cd-wisselaarmodus selecteren Cd's wisselen/selecteren CDC-instelmenu
Trackinformatie weergeven
66 66 67
67
3
Inhoud
Aantal tracks en totale looptijd weergeven Namen van cd's
Terminologielijst
67 68
77 79 83 84 85 85 85 86 87 88 89 91
Trefwoorden Technische gegevens AANHANGSEL Montagehandleiding Vóór het inbouwen Symbolen die in deze inbouwhandleiding worden gebruikt Veiligheidsvoorschriften Installatievoorschriften Aansluitschema van het navigatiesysteem Inbouwen van GPS-antenne Aansluiting van het achteruitrijlampje Snelheidssignaal (GAL) van snelheidsmeter/tellerkabel aansluiten Inbouw/uitbouw van het apparaat Ingebruikname van de GPS en sensoren Installatie van de navigatiesoftware Kalibrering Servicemodus Aansluitingen
Filterfunctie bij cd's Gebruikersinstellingen Gebruikersinstellingen opvragen/verlaten
GAL instellen Functies bij MUTE-instelling telefoon (Tel) Helderheid display (Lum) Knipperende diode instellen (LED) Optimale ontvangst instellen (M/S) Instelling navigatie-aanwijzing (Nav) AUX-ingang (Aux) Weergave kompas (Cmp) Volume signaaltoon (Bev)
69 70 70
70 71 71 71 72 72 73 73 73
Servicemenu Servicemenu oproepen/ verlaten
Reset cd-wisselaar
74 74
74
92 95 96 98 99 101 109
Resetactivering apparaat Toelichting RDS-SYSTEEM
Niveau DAS Seek Qual.
74 75 75
75
Niveau DAS Seek Name
Niveau Stations RDS
75
75
Niveau Stations Fix
PTY (programmatype)
75
75
4
GVeiligheidsvoorschriften
Het toestel mag alleen worden bediend als de verkeerssituatie dit toelaat en u er geheel zeker van bent dat u zelf, uw medepassagiers of andere verkeersdeelnemers geen gevaar lopen, worden gehinderd of worden gestoord. In elk geval zijn de voorschriften van de Wegenverkeerswet van toepassing. De plaats van bestemming mag alleen worden ingevoerd als de wagen stilstaat. Het navigatiesysteem is maar een hulpmiddel, in sommige gevallen kunnen de gegevens onjuist zijn. De bestuurder moet in elke situatie zelf besluiten of hij de gegevens betrouwbaar vindt. Wij zijn in geen geval aansprakelijk voor onjuiste gegevens in het navigatiesysteem. Gezien het feit dat verkeerssituaties aan veranderingen onderhevig zijn of gegevens veranderen kan het voorkomen dat de gegeven aanwijzingen niet geheel of niet correct zijn. Derhalve moet altijd rekening worden gehouden met de verkeersborden en de verkeerssituatie ter plaatse. Het navigatiesysteem is met name niet bedoeld als hulpmiddel ter oriëntatie bij slecht zicht. Het apparaat mag alleen voor de doeleinden waarvoor het is bedoeld worden gebruikt. Het volume van de autoradio/navigatiesysteem moet zo worden ingesteld dat de bestuurder nog geluiden van buiten kan waarnemen. Bij storingen (bijv. rookontwikkeling of stank) moet het apparaat meteen worden uitgeschakeld. Om veiligheidsredenen mag het toestel alleen door een vakman worden geopend. Voor reparaties wordt u verzocht met uw dealer contact op te nemen.
5
Richtlijnen m.b.t. de verkeersveiligheid
Deze autoradio is bedoeld en goedgekeurd voor inbouw en gebruik in personenauto's, bedrijfauto's en bussen (voertuigklasse M, N en O) met een boordnetspanning van 12 V. Wij raden u aan om het apparaat uitsluitend door deskundig personeel te laten inbouwen resp. onderhouden. Bij een verkeerde montage resp. slecht onderhoud kunnen storingen in de voertuigsystemen optreden. Volg de veiligheidsrichtlijnen van de autofabrikant op. Werkzaamheden aan de voertuigelektronica (bijv. aansluiting snelheidssignaal) mogen uitsluitend worden uitgevoerd door een erkend servicestation. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade aan de voertuigelektronica. Dit apparaat mag uitsluitend op de door de autofabrikant daarvoor bestemde plaats worden ingebouwd. Kies de apparaatbevestiging zodanig, dat het apparaat bij een eventuele botsing correct blijft zitten. De stroomvoorziening dient correct te worden afgezekerd. Wanneer mobiele telefoons zonder buitenantenne in de buurt van de radio worden gebruikt, kan dat storingen veroorzaken. Zorg dat u vertrouwd bent met het apparaat en de bediening daarvan alvorens te gaan rijden. Bedien het apparaat tijdens het rijden alleen wanneer de verkeerssituatie dat toelaat. Het weergavevolume van de autoradio dient zodanig te worden ingesteld, dat geluiden van buitenaf (bijv. sirene van de politie) nog goed waargenomen kunnen worden.
6
Overzicht knoppen
2
3
4
5
6
7
8
9
1
10
12
11
Overzicht knoppen
1 2 3 4 5 6
Linker draaiknop (INFO) Knop aan/uit ( ) Klankknop ( ) Knop voor verkeersinformatie ( ) LED Omschakelen naar cd-weergave ( )
7 8 9 10 11 12
Omschakelen naar radioweergave ( Omschakeling navigatie ( ) Uitwerpknop voor cd ( ) Rechter draaiknop (OK) Multifunctionele knoppen Display
)
7
Beveiliging tegen diefstal
Beveiliging tegen diefstal
Codenummer invoeren
Als de autoradio van de stroomvoorziening wordt losgekoppeld, is de radio bij een volgende aansluiting beveiligd tegen diefstal. Als u de radio inschakelt met behulp van de knop wordt de melding Enter Code Number weergegeven.
Aanwijzing: De CODE CARD moet buiten de wagen op een veilige plaats worden bewaard. De kaart kan zodoende niet onrechtmatig gebruikt worden. De bijgeleverde ruitenstickers moet u op de binnenkant van uw ruiten plakken. Als u een verkeerd codenummer hebt ingevoerd, wordt de melding Enter Code Number weergegeven. Als u de code drie keer verkeerd hebt ingevoerd, wordt Wait weergegeven. Het apparaat kan gedurende ca. 60 minuten niet gebruikt worden.
N.B.: De wachttijd geldt alleen als de radio is ingeschakeld en de wagen op contact staat.
X
Knop via de multifunctionele knoppen de 5-cijferige code in.
Voorbeeld: Codenummer 15372 (het codenummer staat op de bijgevoegde CODE CARD). Zodra het 5e cijfer is ingevoerd en alle andere cijfers ook correct zijn, gaat het apparaat automatisch aan. Als u vervolgens de code nogmaals drie keer verkeerd invoert, kan de radio wederom gedurende 60 minuten niet gebruikt worden.
8
Beveiliging tegen diefstal
Frontje verwijderen
U kunt het frontje (A) verwijderen. Dit is een effectieve beveiliging tegen diefstal. Houd hiervoor knop kort ingedrukt (gegevensdrager blijft in het apparaat). Het display klapt naar voren. X Trek het frontje los.
X
Na het wegklappen van het display wordt de toon op maximaal volume begrensd. Na 20 seconden hoort u een pieptoon als teken dat het bedieningsgedeelte is weggeklapt. Daarna wordt het apparaat uitgeschakeld.
Frontje plaatsen
X
GGevaar voor ongevallen
Uit veiligheidsoogpunt mag het frontje tijdens het rijden niet geopend blijven. N.B.: Plaats het frontje na het verwijderen in de bijgeleverde beschermhoes. Raak de metalen contactpunten op het frontje of op de radio niet aan.
Steek het frontje in de vergrendeling linksonder en daarna in de vergrendeling rechtsonder. Klap vervolgens het frontje naar boven totdat het in de bovenste vergrendelingen vastklikt. Het frontje kan ook vlak worden geplaatst en worden vastgedrukt.
Om er zeker van te zijn dat het juist functioneert, moet u erop letten dat het frontje volledig is vastgeklikt in de vier vergrendelpunten.
A
9
Algemene bediening
Algemene bediening
In-/uitschakelen
X
Volume instellen
. Draai aan de linker draaiknop volume wordt hoger of lager. . Het
Laagweergave (bass) instellen
X
Druk op de knop
Druk op knop en vervolgens op de multifunctionele knop .
Het is tevens mogelijk om het toestel in en uit te schakelen door de wagen op contact resp. van contact af te zetten. Als u de radio via het contactslot inschakelt, moet deze vooraf ook daarmee zijn uitgeschakeld. Als u de wagen van contact af zet, kunt u voorkomen dat de radio wordt uitgeschakeld door binnen 3 seconden op knop te drukken. Aanwijzing: U kunt het toestel ook via knop inschakelen zonder de wagen eerst op contact te zetten. Het toestel schakelt dan echter na 1 uur automatisch weer uit.
Klankmenu activeren
Druk op de knop . Het klankmenu wordt geactiveerd. U kunt de volgende functies oproepen: Bas (lage tonen), Trb (hoge tonen), Fad (fader), Bal (balans), Flt (lineaire instelling), Sub (subwoofer) en Ldn (loudness).
X
Stel met de rechter draaiknop laagweergave in.
de
Hoogweergave (treble) instellen
X
Druk op knop en vervolgens op de multifunctionele knop .
De instellingen van de bas, de hoge tonen, de fader, de balans en de loudness worden afzonderlijk voor de golfbereiken FM, AM (MW, LW en SW) voor de verkeersinformatie, de navigatie-aanwijzingen, de telefoon, de cd-, mp3- en cdc/aux-weergave opgeslagen.
X
Stel met de rechter draaiknop hoogweergave in.
de
10
Algemene ...