Uitgebreide gebruiksaanwijzingen staan in de gebruikershandleiding.
Gebrauchsanweisung
Gefrierschrank
D GB NL F I E P TR
Operating instructions
Freezer
Gebruiksaanwijzing
Diepvrieskast
Mode d'emploi
Congelateur
Istruzione d'uso
Congelatore
Instrucciones de manejo
Congelador
Manual de utilização
Congelador
Kullanim kilavuzu
Derin dondurucu
7080 920-00
GP (es)14../13.. 0707
Aanwijzing m.b.t. afdanken
-
De verpakking is van recyclebare materialen gefabriceerd. Golfkarton/karton Voorgevormde delen van geschuimd polystyreen Folies van polyetheen Spanbanden van polypropeen
Het afgedankte apparaat bevat nog waardevolle materialen en moet gescheiden van het ongesorteerde afval worden afgevoerd. · Afgedankte apparaten onbruikbaar maken: trek de stekker uit het stopcontact, snijd het netsnoer door en zet de sluiting buiten werking zodat kinderen zich niet kunnen opsluiten. · Let erop dat het koelmiddelcircuit tijdens het transport van het afgedankte apparaat niet wordt beschadigd. · Informatie over het gebruikte koelmiddel vindt u op het typeplaatje. · Het recyclen van afgedankte apparaten moet vakkundig gebeuren overeenkomstig de plaatselijk geldende voorschriften en wetten.
· Verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kinderen verstikkingsgevaar door folies! · Breng a.u.b. de verpakking naar een officiële inzamelpunt.
Klimaatklasse
Klimaatklasse SN N ST T
Het apparaat is ontworpen voor een bepaalde klimaatklasse d.w.z. een maximale temperatuur waarboven het apparaat niet gebruikt mag worden. U vindt de klimaatklasse van het apparaat op het typeplaatje. Hierbij worden de volgende afkortingen gebruikt: Omgevingstemperaturen + 10° tot + 3 °C + 16° tot + 3 °C + 18° tot + 38 °C + 18° tot + 43 °C
· Laat de deur niet onnodig lang open staan. · Leg de levensmiddelen soort bij soort in de diepvriesladen, houd u aan de maximale bewaartijd. · Laat warme gerechten eerst tot kamertemperatuur afkoelen voordat u ze in het apparaat plaatst. · Ontdooi het apparaat zodra zich een laag ijs gevormd heeft. Het apparaat vriest dan beter èn zuiniger. Inhoud pag. Aanwijzing m.b.t. afdanken, Klimaatklasse Tips om energie te besparen Veiligheidsaanwijzingen en waarschuwingen ..........................10 Opstellen, Aansluiten, Afmetingen, In- en uitschakelen, Temperatuur instellen, Controle-elementen ............................. 11 Kinderbeveiliging, Invriezen, Bewaren Aanwijzingen voor het invriezen en bewaren, Uitvoering ........ 12 Ontdooien, Reinigen, Buiten werking stellen, Storingen, Draairichting deur veranderen .............................. 13
Tips om energie te besparen
· Voorkom blessures en beschadigingen: pak het apparaat altijd met twee personen uit en stel hem samen op. · Neem bij beschadiging van het apparaat onmiddellijk - nog vóór het aansluiten - contact op met de leverancier. · Stel het apparaat volgens de aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing op en houd u aan de aansluitvoorschriften om zeker te zijn van een goede werking. · Koppel het apparaat bij storingen los van de netspanning: trek de stekker uit het stopcontact of draai de zekering in de meterkast eruit. · Trek de stekker niet aan het netsnoer uit het stopcontact maar pak de stekker vast. · Laat reparaties en ingrepen aan het apparaat uitsluitend door de technische dienst of een installateur uitvoeren, aangezien anders grote gevaren voor uzelf en anderen kunnen ontstaan. Hetzelfde geldt voor het vervangen van het netsnoer. · Gebruik in het apparaat nooit open vuur of ontstekingsbronnen. Let er daarom tijdens het vervoeren en reinigen van het apparaat goed op dat het koelcircuit niet wordt beschadigd. Mocht het koelcircuit desondanks beschadigd raken, houd het apparaat dan uit de buurt van open vuur. Zorg voor goede ventilatie in het vertrek. · Ga nooit op de sokkel, laden, deur enz. staan of leunen om ergens bij te kunnen. · Dit apparaat is niet bedoeld voor personen (ook kinderen) met fysieke, sensorische of mentale gebreken of personen, die niet over voldoende ervaring en kennis beschikken, tenzij zij door een persoon, die voor hun veiligheid verantwoordelijk is, in het gebruik van het apparaat worden onderwezen of die aanvankelijk toezicht uitoefent. Kinderen mogen niet zonder toezicht achterblijven om te voorkomen dat ze met het apparaat spelen. · Voorkom voortdurend huidcontact met koude oppervlakken of te koelen/te bevriezen levensmiddelen want dat kan een pijnlijk of dof gevoel en bevriezing veroorzaken. Bij langdurig huidcontact veiligheidsmaatregelen treffen, bijv. handschoenen dragen. · Consumptie-ijs, met name waterijs of ijsblokjes, na het eruit nemen niet onmiddellijk en niet te koud consumeren. Door de lage temperaturen bestaat "Gevaar voor verbranding". · Consumeer geen levensmiddelen die over de datum zijn, ze kunnen een voedselvergiftiging veroorzaken. · Het apparaat is bedoeld voor het koelen, invriezen en bewaren van levensmiddelen evenals het maken van ijs. Het is bestemd voor huishoudelijk gebruik. Bij professioneel gebruik (in de horeca, detailhandel enz.) moeten de op de betreffende bedrijfstak van toepassing zijnde voorschriften worden opgevolgd. · Bewaar geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare drijfgassen (bijv. butaan, propaan, pentaan) in het apparaat. Eventueel vrijkomend gas kan door de elektrische componenten ontstoken worden. U herkent dergelijke spuitbussen aan het waarschuwingssymbool bestaande uit enkele vlammen met eronder de tekst "Licht ontvlambaar" dan wel aan de tekst op de spuitbus. · Geen elektrische apparaten binnen het apparaat gebruiken. Deze gebruiksaanwijzing is voor verscheidene modellen geldig, afwijkingen zijn daarom mogelijk.
Veiligheidsaanwijzingen en waarschuwingen
Bedieningspaneel
VarioSpace
Infosysteem
Diepvriesladen
Typeplaatje Stelpoten
10
· Plaats het apparaat bij voorkeur niet in direct zonlicht, naast het fornuis, een radiator enz. · De ondergrond moet vlak en waterpas zijn. Staat het apparaat niet stabiel, verdraai dan met de bijgeleverde sleutel één of meer stelpoten. · Het apparaat steeds direct aan de wand opstellen. · Dek de ventilatieopeningen nooit af. Zorg altijd voor een goede luchttoevoer en -afvoer! · Plaats geen apparaten die warmte afgeven op de diepvrieskast, bijv. magnetron, broodrooster enz. · Plaats vanwege brandgevaar geen brandende kaarsen, lampen en andere voorwerpen met open vlammen op het koel-/vriesapparaat. · De plaatsingsruimte van uw apparaat moet volgens de norm EN 378 pro 8 g koelmiddelmassa R 600a 1 kubieke m bezitten zodat er in geval van een lekkage in het koelmiddelcircuit geen ontvlambare gas-lucht-mengeling in de plaat-singsruimte van het apparaat kan ontstaan. Informatie over de hoeveelheid koelmiddel vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.
Opstellen
NL Temperatuur instellen
Aansluiten
Stroomsoort (wisselstroom) en spanning op de opstellingsplaats moeten met de informatie op het typeplaatje overeenstemmen. Het typeplaatje vindt u links op de binnenwand. Het stopcontact moet d.m.v. een zekering van 10 A of zwaarder beveiligd zijn, buiten de achterzijde van het apparaat liggen en goed toegankelijk zijn. · Het apparaat niet samen met andere apparaten aansluiten via een verlengkabel - gevaar voor oververhitting. · Het apparaat alleen via een correct geïnstalleerd randaardestopcontact aansluiten.
Het apparaat is standaard ingesteld voor normaal vriezen (-18°C). · Temperatuur verhogen/warmer: Druk op de bovenste tiptoets. · Temperatuur verlagen/kouder: Druk op de onderste tiptoets - Tijdens het instellen knippert de ingestelde temperatuur op het temperatuurdisplay. - Door meermals kort op een tiptoets drukken, laat u de ingestelde temperatuur in stapjes van 1°C verspringen. Houdt u de tiptoets langer ingedrukt da verandert de temperatuur doorlopend. - Ca. 5 sec. na de laaste druk op een tiptoets schakelt de electronica automatisch om en wordt de daadwerkelijke temperatuur van de levensmiddelen op dat moment getoond.
Controle-elementen
Temperatuurdisplay
Het temperatuurdisplay toont de hoogste temperatuur van de ingevroren levensmiddelen. Het display toont alleen temperaturen onder de 0 °C. Een knipperend temperatuurdisplay wijst op een ontoelaatbare temperatuurstijging. Tegelijkertijd geeft de waarschuwingszoemer alarm. Met een druk op de toets "ALARM" kan dit worden uitgeschakeld.
Alarmfunctie van het temperatuurdisplay
Afmetingen (mm)
h a GP 1366 GP 1466 851 851 553 60 60
g 611 611 611
e 64 68 610
e' 653 657 657
d 119 1174 1174
c
c'
563 59 613 640 597 644
Wanneer de temperatuur weer daalt en ongeveer -13 °C bereikt, houdt het display op met knipperen en brandt het continu. Verschijnt op het display de melding F4 of F5 dan heeft zich een storing voorgedaan. Door een veiligheidsschakeling blijft het apparaat op de juiste temperatuur werken. Neem a.u.b. contact op met de dichtstbijzijnde technische dienst van de leverancier.
GPes 1466 851
Controle-elementen
Het "SUPERFROST" lampje
Indicatie bij stroomuitval "Frost-control" -melding
Dit lampje brandt wanneer "SUPERFROST" is ingeschakeld voor het invriezen van grotere hoeveelheden verse levensmiddelen. Zie hiervoor onder "Invriezen".
Wij adviseren u om het apparaat te reinigen voordat u hem in gebruik neemt (zie verder onder "Reinigen"). Stekker in het stopcontact steken - het apparaat is ingeschakeld. - Op het digitale temperatuurdisplay branden twee verlichte balken totdat een temperatuur van 0 °C is bereikt. - Onder de 0 °C toont het digitale temperatuurdisplay de temperatuur in het apparaat. · Uitschakelen: Druk op de ON/OFF toets; het temperatuurdisplay gaat uit. · Inschakelen: Druk op de ON/OFF toets; het temperatuurdisplay licht op.
In- en uitschakelen
Waarschuwingszoemer
Staat op het display nA, dan betenket dit: De temperatuur van de ingevroren levensmiddelen is door een stroomuitval, door een netspanningsonderbreking in de afgelopen uren of dagen te veropgelopen. Wanneer u tijdens de meling nA op de "ALARM" toets drukt, ziet u op het display hoe ver de temperatuur gedurende de stroomonderbreking is opgelopen. Controleer, afhankelijk van de temperatuurstijging of zelfs ontdooiing, of de levensmiddelen nog geschikt zijn voor consumptie! De hoogste temperatuur tijdens de stroomonderbreking is ca. 1 min. zichtbaar. Daarna toont het display weer de temperatuur die de levensmiddelen op dat moment hebben. Druk meermaals op de "ALARM" toets om de weergave van de hoogste temperatuur voortijdig af te breken.
De waarschuwingszoemer helpt u, ingevroren levensmiddelen te beschermen en energie te besparen. - De zoemer wordt ingeschakeld wanneer het in het vriesgedeelte niet koud genoeg is. Tegelijkertijd knippert het temperatuurdisplay; - te veel warme lucht in het apparaat gestroomd is tijdens het plaatsen/verplaatsen van levensmiddelen in het apparaat, het verwijderen van levensmiddelen uit het apparaat. Het alarm stopt wanner u op de "ALARM" toets drukt. Het temperatuurdisplay blijft knipperen totdat de alarmsituatie beëindigd is.
11
Kinderbeveiliging
Kinderbeveiliging inschakelen
- Het display toont c (c knippert)
Met de kinderbeveiliging beschermt u het apparaat tegen ongewenst uitschakelen.
· Houd de "SuperFrost" toets ca. 5 sec. ingedrukt; · Druk de "SuperFrost" toets in - Het display toont c0 (0 knippert) · Druk op de Up tiptoets - Het display toont c1 (1 knippert) - De indicator · Druk de "SuperFrost" toets in licht op (c knippert)
· Druk op de "ON / OFF" toets.
De kinderbeveiliging is ingeschakeld.
Kinderbeveiliging uitschakelen
- Het display toont c - Het display toont c1 - Het display toont c0
· Houd de "SuperFrost" toets ca. 5 sec. ingedrukt; (c knippert) (1 knippert) (0 knippert)
· Druk de "SuperFrost" toets in · Druk op de Down tiptoets
· Druk de "SuperFrost" toets in · Druk op de "ON / OFF" toets. - De indicator
gaat uit (c knippert)
Invriezen, Bewaren
De kinderbeveiliging is uitgeschakeld.
De verse levensmiddelen moeten zo snel mogelijk door en door bevroren worden. Hiervoor kunt u de Superfrost-functie ge-bruiken. Zo blijven voedingswaarde, uiterlijk en smaak van de ingevroren levensmiddelen het beste bewaard. Op het typeplaatje (zie onder `Invriescapaciteit´ ) vindt u hoeveel kilo verse levensmiddelen u binnen 4 uur mag invriezen. De invriescapaciteit is afhankelijk van het model en de klimaatklasse van het apparaat.
· Leg de levensmiddelen altijd soort bij soort. · De volgende levensmiddelen kunt u invriezen: vlees, wild, gevogelte, verse vis, groente, fruit, zuivelprodukten, brood, bakkerijprodukten, kant-en-klare maaltijden. Ongeschikt zijn: kropsla, rammenas, druiven, hele appels en peren, vet vlees. · Verpak levensmiddelen die u zelf invriest altijd in afgemeten porties. Om deze porties meteen door en door te laten bevriezen, doet u er goed aan de volgende maximale hoeveelheden per portie aan te houden: fruit, groente: max. 1 kg, vlees: max. ,5 kg. · Blancheer groenten na het wassen en afmeten van de porties door ze -3 minuten in kokend wat ...